Nederland op haar slechtst in de trein

Een Nederland dat praat over, in plaats van tegen mensen. Een Nederland die zijn identiteit ontleent aan de geldende regels in plaats van een vrije morele geest. En een Nederland waar geven niet vrij en intuïtief maar een gevaarlijke gewetenskwestie is.

Gelukkig brengt een 'bedelaar' beweging in het systeem. Signalement: man, middelbare leeftijd, bruine huidskleur, vermoedelijk mediterraanse of arabische afkomst, verzorgd uiterlijk.

Bij iedere passagier legt hij een pakje zakdoekjes neer met een briefje waarop hij zijn persoonlijke situatie uitlegt en om een aalmoes vraagt. Eén passagier weigert met opgeheven stem en vraagt de man het pakje direct terug te nemen. De overige passagiers beginnen zachtjes te fluisteren, wat natuurlijk overgaat in het hardop ventileren van hun oordelen en bezwaren. Het verhaal van de man zou 'niet waar', 'storend' en 'tegen de regels' zijn.

Verbouwereerd kijk ik de coupé rond. Wat ik hoor en voel raakt mij. Het maakt mij verdrietig en ik schaam mij voor mijn land(genoten). Ik vat de situatie en mijn gevoel samen in 140 leestekens van een tweet. Deze wordt al binnen een paar minuten door de NS gedeeld met bijna 6000 volgers. De reacties aan mijn adres druppelen binnen, die gelijkgestemd zijn aan de opvattingen van de medereizigers:
"Het is gewoon een bende oplichters, overgewaaid uit Italië."
"Het is verboden en zorgt voor overlast! Melden dus."
"Het is gewoon tegen de regels van de NS en moet ophouden."
Zelfs wordt mij geadviseerd er niet "in te trappen" en heb ik schijnbaar gemist dat "de aalmoes gewoon niet meer bestaat".

Ik bespeur moeite in mezelf om niet te reageren op de kortzichtigheid van de reacties die mij toekomen. Maar dat doe ik niet en ga ik ook hier niet doen.

Maar laat ik voorop stellen. Het kan zijn dat de man zijn verhaal niet klopt en zijn intentie niet zuiver is. Het kan ook zijn dat hij er veel geld mee ophaalt en een dure hobby mee financiert. En het kan ook dat het officieel niet mag. Naïviteit kan mij niet ten laste worden gelegd in deze.

Of je de man gelooft en of je iets wilt geven staat je natuurlijk helemaal vrij. Maar waarom zou je het zo persoonlijk aantrekken? En waarom zou je je zo bedreigd voelen? En waarom zou je die man zo (collectief) veroordelen?

Het antwoord is in mijn ogen angst. Angst om iets te verliezen. Waar die angst over gaat mag iedereen voor zichzelf uitvinden. Maar ik voel het aan alles.

Ik gaf de man wat munten. Dit keer gaf ik niet zozeer aan zijn 'slechte gezondheid en 2 kinderen'. Ik gaf aan een systeem waarin mensen vrij zijn van angst (voor de ander), hun intuïtie en hart volgen, en mensen vrijlaten te ont-moeten.

En wat de man ook met het geld doet, voor mij waren het de best besteedde euro's van de maand.

Rob van DrunenComment